Nieuws

Belangrijkste wijzigingen in Belastingplan 2019

Wat verandert er in 2019 en volgende jaren?

Het Kabinet heeft grote plannen voor de kabinetsperiode 2017-2021.

Het belastingstelsel wordt binnenstebuiten gekeerd, de woningmarkt moet evenwichtiger worden, de regels voor de arbeidsmarkt en het pensioenstelsel moeten beter aansluiten bij de eisen van deze tijd. En ook het klimaatbeleid zal grote invloed (kunnen) hebben op onze portemonnee. De veranderingen zullen geleidelijk worden ingevoerd, waardoor de kans groot is dat het de komende jaren alleen maar ingewikkelder wordt.

  • Het belastingtarief. De “sociale vlaktaks”: Het kabinet wil het stelsel met 4 schijven vervangen door een tweeschijvenstelsel. Door de invoering van een tweeschijvenstelsel nemen de besteedbare inkomens toe van alle personen met een inkomen vanaf € 20.000 per jaar. Ook wordt het minder van belang of één of twee personen het inkomen in een huishouden verdienen. In onderstaande tabel ziet u in welke stappen tarieven de komende jaren wijzigen.

Inkomen

Jaar

max € 20.142*

max € 34.404*

max € 68.507

boven € 68.507

2018

36,55%

40,85%

40,85%

51,95%

2019

36,65%

38,10%

38,10%

51,75%

2021

37,05%

37,05%

37,05%

49,50%

*De inkomensgrenzen tot € 20.142 en € 34.404 worden in 2019 iets hoger

door inflatiecorrectie.

Zodra iemand de AOW-leeftijd bereikt, gelden aangepaste tarieven

Inkomen

 

 

 

Jaar

max € 20.142*

max € 33.994**

max € 68.507

boven € 68.507

2018

18,65%

22,95%

40,85%

51,95%

2019

18,75%

20,20%

38,10%

51,75%

2021

19,15%

19,15%

37,05%

49,50%

*Grenzen schuiven na 2019 iets op door inflatiecorrectie

**Voor mensen geboren voor 1 januari 1946 : € 34.404.

  • De heffingskortingen. Iedereen  heeft recht op een algemene heffingskorting, een korting op de inkomstenbelasting. Deze korting is inkomensafhankelijk: hoe lager het inkomen, hoe hoger de korting. Met ingang van 2019 wordt de algemene heffingskorting voor inkomens tot € 50.000 per jaar verhoogd. Ook gaat de arbeidskorting omhoog voor werkenden die tussen de € 20.000 en € 60.000 per jaar verdienen

Heffingskortingen

2018 ( €)

2019 ( €)

Algemene Heffingskorting maximaal

2.265

2.477

AOW-leeftijd maximaal

1.157

1.249

Arbeidskorting maximaal

3.249

3.399

Jonggehandicaptenkorting

728

737

Maximum inkomensafhankelijke

2801

2835

combinatiekorting

 

 

Ouderenkorting (maximaal)*

1.418

1.596

Alleenstaande-ouderenkorting

423

429

*De ouderenkorting wordt vanaf 2019 vanaf een inkomen van € 36.800 geleidelijk afgebouwd naar € 0 . De korting vervalt bij een inkomen van € 47.500.

  • Het eigen huis. Aftrekbeperking hypotheekrenteaftrek – versnelde afbouw

De hypotheekrenteaftrek. Sinds 2014 wordt het maximale tarief waartegen hypotheekrente kan worden afgetrokken jaarlijks met 0,5% afgebouwd. Tarief 2017: tarief 2018 max 49,5%. Vanaf 2020 wordt het belastingvoordeel van de hypotheekrenteaftrek jaarlijks met 3% (46%) versneld afgebouwd tot het laagste tarief in de inkomstenbelasting (in 2023:37,05%).

  • Het eigen woningforfait gaat per 2019 verder omlaag van 0,70% naar 0,65% in 2020 naar 0,60% in 2021, 0,50% in 2022 en 0,45% in 2023.
  • Hillen-regeling. Door de Hillenregeling hoefden huiseigenaren geen belasting meer te betalen over het eigenwoningforfait voor zover dat hoger was dan de betaalde rente. Deze regeling wordt geleidelijk vanaf 2019 (in 30 jaar) afgeschaft. Dit kost oplopend enkele tientjes p/jr.
  • Maximale hypotheek. De maximale hypotheek wordt niet verder verlaagd, waardoor dus nog maximaal 100% van de (puur van de) waarde van de woning kan worden geleend. 
  • Aftrekposten. Het invoeren van de vlaktaks zal ook gevolgen hebben voor alle andere aftrekposten (ziektekosten, giften, alimentatie, scholingsuitgaven, etc.). Ook de zelfstandigenaftrek voor ondernemers gaat hier onder vallen. De max percentage aftrek zal dan 37,05% zijn in 2023. De individuele leerrekening vervangt in 2020 de scholingskosten.
  • De aftrek van uitgaven voor een (Rijks)monumentenpand in de inkomstenbelasting is met ingang van 2019 komen te vervallen. Hiervoor in de plaats komt een subsidieregeling.
  • Box-3 vermogen. De vrijstelling in box 3 is vanaf 2018 verhoogd van € 25.000 naar € 30.360 p.p. in 2019. De eerste € 71.650 boven deze vrijstelling wordt belast tegen een tarief van 0,58%. Daarboven (tot bijna 1 miljoen) wordt het vermogen belast met 1,34% per jaar. De vrijstelling van € 30.360 geldt ook voor de vermogenstoets voor de huurtoeslag van 1-1-2019.
  • Toeslagen. De huurtoeslag wordt iets lager en over een langer inkomenstraject afgebouwd (binnen een grotere range en meer geleidelijk). Het kindgebonden budget en de kinder-bijslag gaan omhoog. Bij kinderopvang gaan zowel de kosten als de toeslag fors omhoog. De grenzen voor de zorgtoeslag gaan nu weer omhoog: alleenstaanden inkomen max €28.720, partners max €35.996.
  • Zorg. Het eigen risico voor de zorgverzekering blijft t/m 2021 staan op € 385. De WMO bijdrage is gemaximeerd op € 17,50 per 4 weken. De vermogens-inkomensbijtelling voor de eigen bijdrage WLZ-zorg gaat in 2018 van 8% naar 4%. De hoge eigen bijdrage bij opname gaat geldt inmiddels na 4 mnd opname, was dat 6 mnd).
  • Overig. De dividendbelasting wordt ondanks heftige discussie per 2020 afgeschaft.

Het lage BTW-tarief gaat van 6% naar 9% in 2019.

De energiebelasting gaat fors omhoog (verwachting: in 2019 € 150 hoger dan in 2017).

De maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding gaat van 2019 van € 1.500 naar € 1.700.

Het huwelijksgoederenregime is per 1-1-2018 gewijzigd. U trouwt vanaf die datum automatisch in een beperkte gemeenschap van goederen. Wilt u anders dan moet u naar de notaris. Denk ook aan een (uw) overlijdenstestament en een notariële machtiging.

Schuldregelingen voor belastingen en toeslagen worden vanaf 2019 gelijk behandeld

Vereenvoudiging van de fietsregeling. Voor privégebruik van de bedrijfsfiets wordt jaarlijks door de werkgever 7% van waarde van de adviesprijs van de fiets bij het inkomen opgeteld.

De maximale WW-periode is op 1-1-2019 nog 25 maanden en vanaf 1-4-2019 nog 24 mnd.

Echtscheiding. Een nieuwe wet over partneralimentatie bekort de alimentatieplicht tot de helft van de duur van huwelijk met een max van 5 jaar, uitzonderingen ivm kinderen en zij die in het zicht zijn van de AOW. De wet gaat waarschijnlijk per 1-7-2019 in.

De regeling grote schenkingen eigen woning (de “jubelton”) geldt in 2019 niet meer.

Bel me terug

Indien u wilt dat wij contact met u opnemen kunt u onderstaande formulier invullen. Wij zullen dan zo snel mogelijk contact met u opnemen over uw vragen.